Stacks Image 361

GEBOUWEN – RUIMTELIJKE TRANSFORMATIE

WAT DOET STEENHUISMEURS?


Wat kan een gebouw of ensemble van gebouwen hebben? Dat is de hamvraag bij transformaties gericht op functieverandering, verduurzaming of uitbreiding waarbij het de ambitie – en vaak ook de plicht – is om recht te doen aan wat er al is. Wij bepalen de draagkracht en de cultuurhistorische bandbreedte. Daarbij kijken we naar de materiële waarde, de onderliggende ruimtelijke structuur en de gevoelswaarde. We stellen vast wat essentieel is om te behouden, en waarom, en we geven aan wat de speelruimte voor verandering is. Ter inspiratie reiken we ontwerpthema’s, mogelijke interpretaties van waar het erfgoed voor staat en referenties voor oplossingen aan. De leidende ontwerpprincipes en de verhalen bieden vaak prachtige aanknopingspunten. Dat alles leggen we vast in een transformatiekader, afwegingskader, onderlegger of aanbeveling. Een transformatiekader bevat spelregels voor ruimtelijke ingrepen, zodat alle partijen weten waar ze aan toe zijn: duidelijkheid vooraf. Vervolgens kan het als toetsingskader bij de beoordeling worden gebruikt. Een transformatiekader is als het ware een beeldkwaliteitsplan voor een gebouw. Het kan fungeren als afspraak tussen bijvoorbeeld een gemeente en een ontwikkelaar, in situaties waarbij de gemeente niet alles tot in detail wil vastleggen, maar wel de regie wil houden.



CASUS 1

HET KONINKLIJK CONSERVATORIUM, DEN HAAG

Cultuurhistorisch onderzoek, waardestelling een aanbevelingen voorontwikkeling
In opdracht van: gemeente Den Haag

In 1964 werd de conservatoriumgeschoolde cellist en architect Leon Waterman gevraagd het nieuwe onderkomen van het in 1826 opgerichte Koninklijk Conservatorium te ontwerpen. Op de lawaaiige locatie aan de Utrechtsebaan ontwierp hij een ingetogen muziek- en danscomplex met een beweeglijk interieur vol karakter en een kubisch exterieur met grote hoogteverschillen en een bijzondere erkergevel. Binnen heerste een ‘paradijs van stilte’ en keken de lokalen en vertrekken uit op twee binnentuinen, die als groene oases te midden van het asfalt, beton en staal lagen. Waterman herkende zich in de studenten; zij zouden eigenheid en karakter geven aan het gebouw en de gangen en zalen met muziek en dans vullen. In 2020 is het Koninklijk Conservatorium verhuisd naar het onderwijs- en cultuurgebouw Amare aan het Spuiplein. In verband met de ontwikkelingsplannen van het Central Innovation District is SteenhuisMeurs door de gemeente Den Haag gevraagd een cultuurhistorische waardestelling op te stellen, met daaruit voortkomende aanbevelingen voor het leegstaande conservatoriumgebouw. In het razendsnel veranderende en verschralende kantorendistrict rond Den Haag Centraal kan het Conservatorium bij uitstek fungeren als bijzondere identiteitsdrager. De opzet van het gebouw biedt ruimte voor het community-gevoel waar zo’n behoefte aan is, met reuring langs de buitenzijden en rust en weelde in de binnenhoven. Het conservatorium is een topvoorbeeld van post-65-architectuur in Nederland en staat tegelijkertijd in een grotere Europese architectuurcontext. Het cultuurhistorisch onderzoek en de aanbevelingen voor doorontwikkeling en transformatie zijn online beschikbaar.




Het Koninklijk Conservatorium, Den Haag

CASUS 2

STRATUMSEDIJK 24 EN 26, EINDHOVEN


Cultuurhistorische waardering en transformatiekader (2022)
in opdracht van: Kero vastgoedontwikkeling, Waalre

Aan de Stratumsedijk staan twee villa’s uit het einde van de negentiende eeuw, die beide de status van rijksmonument hebben. Hier konden Eindhovense fabrikanten vlak buiten de stad genieten van een ruime en groene woonomgeving. In de jaren twintig groeide het gebied tussen de Stratumsedijk en de Dommel uit tot villawijk Den Elzent. Na de Tweede Wereldoorlog werd een ringweg rondom de binnenstad gelegd, die dwars door de achtertuinen van beide villa’s liep. Aan deze P.C. Hooftlaan wisselden de vooroorlogse villa’s en latere openbare gebouwen, zoals de kantoren van de GG en GD en het Arbeidsbureau, elkaar af. Tegenwoordig is de villawijk een beschermd stadsgezicht, maar is er langs de centrumring en de Stratumsedijk ook een sterke verdichtingsdruk. Ook het bebouwen van de achtererven van beide villa’s is aan de orde. Steenhuis is door de ontwikkelaar gevraagd om uitgangspunten te formuleren. Deze opdracht bestaat uit een cultuurhistorisch onderzoek, waarin de betekenis van de plek wordt geduid, en vervolgens een transformatiekader, waarin vanuit de waarde van de plek de uitgangspunten voor ontwikkeling worden geformuleerd.


Stratumsedijk 24 en 26, Eindhoven

CASUS 3


HET EVOLUON, EINDHOVEN

Cultuurhistorische waardestelling
in opdracht van: Lichtstad Erfgoed BV (2019)


Het Evoluon werd in 1966 geopend ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van Philips. Tot 1989 trok het het iconische gebouw ruim tien miljoen bezoekers die er kennismaakten met de relatie tussen techniek en maatschappij. Na de sluiting kreeg het Evoluon een tweede leven als conferentiecentrum van Philips. Het complex werd verbouwd, uitgebreid met een auditorium en de buitenruimte kreeg een nieuwe inrichting. Het nieuwe Evoluon werd in 1991 feestelijk heropend als ‘Philips Competence Centre’. In 2019 verkocht Philips het rijksmonumentale gebouw en de grond aan Lichtstad Erfgoed BV (Foolen & Reijs Vastgoed). De nieuwe eigenaar heeft de ambitie om het complex een nieuw leven te geven en het daarbij weer sterker als publiek centrum te profileren. Daarom heeft Lichtstad Erfgoed BV aan SteenhuisMeurs opdracht gegeven voor een cultuurhistorisch onderzoek dat de monumentale waarde van het complex op verschillende schaalniveaus in beeld brengt. Hierbij is vooral de stedenbouwkundige waarde van belang, gezien de ambitie om het terrein rondom het Evoluon te ontwikkelen. De cultuurhistorische analyse biedt aanknopingspunten om hierbij de kwaliteiten van het Evoluon als troef in te zetten.

Het Evoluon, Eindhoven (bron: RCE)



GEBOUWEN – RUIMTELIJKE TRANSFORMATIE

WAT DOET STEENHUISMEURS?


Wat kan een gebouw of ensemble van gebouwen hebben? Dat is de hamvraag bij transformaties gericht op functieverandering, verduurzaming of uitbreiding waarbij het de ambitie – en vaak ook de plicht – is om recht te doen aan wat er al is. Wij bepalen de draagkracht en de cultuurhistorische bandbreedte. Daarbij kijken we naar de materiële waarde, de onderliggende ruimtelijke structuur en de gevoelswaarde. We stellen vast wat essentieel is om te behouden, en waarom, en we geven aan wat de speelruimte voor verandering is. Ter inspiratie reiken we ontwerpthema’s, mogelijke interpretaties van waar het erfgoed voor staat en referenties voor oplossingen aan. De leidende ontwerpprincipes en de verhalen bieden vaak prachtige aanknopingspunten. Dat alles leggen we vast in een transformatiekader, afwegingskader, onderlegger of aanbeveling. Een transformatiekader bevat spelregels voor ruimtelijke ingrepen, zodat alle partijen weten waar ze aan toe zijn: duidelijkheid vooraf. Vervolgens kan het als toetsingskader bij de beoordeling worden gebruikt. Een transformatiekader is als het ware een beeldkwaliteitsplan voor een gebouw. Het kan fungeren als afspraak tussen bijvoorbeeld een gemeente en een ontwikkelaar, in situaties waarbij de gemeente niet alles tot in detail wil vastleggen, maar wel de regie wil houden.




CASUS 1

HET KONINKLIJK CONSERVATORIUM, DEN HAAG

Cultuurhistorisch onderzoek, waardestelling een aanbevelingen voorontwikkeling
In opdracht van: gemeente Den Haag

In 1964 werd de conservatoriumgeschoolde cellist en architect Leon Waterman gevraagd het nieuwe onderkomen van het in 1826 opgerichte Koninklijk Conservatorium te ontwerpen. Op de lawaaiige locatie aan de Utrechtsebaan ontwierp hij een ingetogen muziek- en danscomplex met een beweeglijk interieur vol karakter en een kubisch exterieur met grote hoogteverschillen en een bijzondere erkergevel. Binnen heerste een ‘paradijs van stilte’ en keken de lokalen en vertrekken uit op twee binnentuinen, die als groene oases te midden van het asfalt, beton en staal lagen. Waterman herkende zich in de studenten; zij zouden eigenheid en karakter geven aan het gebouw en de gangen en zalen met muziek en dans vullen. In 2020 is het Koninklijk Conservatorium verhuisd naar het onderwijs- en cultuurgebouw Amare aan het Spuiplein. In verband met de ontwikkelingsplannen van het Central Innovation District is SteenhuisMeurs door de gemeente Den Haag gevraagd een cultuurhistorische waardestelling op te stellen, met daaruit voortkomende aanbevelingen voor het leegstaande conservatoriumgebouw. In het razendsnel veranderende en verschralende kantorendistrict rond Den Haag Centraal kan het Conservatorium bij uitstek fungeren als bijzondere identiteitsdrager. De opzet van het gebouw biedt ruimte voor het community-gevoel waar zo’n behoefte aan is, met reuring langs de buitenzijden en rust en weelde in de binnenhoven. Het conservatorium is een topvoorbeeld van post-65-architectuur in Nederland en staat tegelijkertijd in een grotere Europese architectuurcontext. Het cultuurhistorisch onderzoek en de aanbevelingen voor doorontwikkeling en transformatie zijn online beschikbaar.




Het Koninklijk Conservatorium, Den Haag


CASUS 2

STRATUMSEDIJK 24 EN 26, EINDHOVEN


Cultuurhistorische waardering en transformatiekader (2022)
in opdracht van: Kero vastgoedontwikkeling, Waalre

Aan de Stratumsedijk staan twee villa’s uit het einde van de negentiende eeuw, die beide de status van rijksmonument hebben. Hier konden Eindhovense fabrikanten vlak buiten de stad genieten van een ruime en groene woonomgeving. In de jaren twintig groeide het gebied tussen de Stratumsedijk en de Dommel uit tot villawijk Den Elzent. Na de Tweede Wereldoorlog werd een ringweg rondom de binnenstad gelegd, die dwars door de achtertuinen van beide villa’s liep. Aan deze P.C. Hooftlaan wisselden de vooroorlogse villa’s en latere openbare gebouwen, zoals de kantoren van de GG en GD en het Arbeidsbureau, elkaar af. Tegenwoordig is de villawijk een beschermd stadsgezicht, maar is er langs de centrumring en de Stratumsedijk ook een sterke verdichtingsdruk. Ook het bebouwen van de achtererven van beide villa’s is aan de orde. Steenhuis is door de ontwikkelaar gevraagd om uitgangspunten te formuleren. Deze opdracht bestaat uit een cultuurhistorisch onderzoek, waarin de betekenis van de plek wordt geduid, en vervolgens een transformatiekader, waarin vanuit de waarde van de plek de uitgangspunten voor ontwikkeling worden geformuleerd.


Stratumsedijk 24 en 26, Eindhoven


CASUS 3


HET EVOLUON, EINDHOVEN

Cultuurhistorische waardestelling
in opdracht van: Lichtstad Erfgoed BV (2019)


Het Evoluon werd in 1966 geopend ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van Philips. Tot 1989 trok het het iconische gebouw ruim tien miljoen bezoekers die er kennismaakten met de relatie tussen techniek en maatschappij. Na de sluiting kreeg het Evoluon een tweede leven als conferentiecentrum van Philips. Het complex werd verbouwd, uitgebreid met een auditorium en de buitenruimte kreeg een nieuwe inrichting. Het nieuwe Evoluon werd in 1991 feestelijk heropend als ‘Philips Competence Centre’. In 2019 verkocht Philips het rijksmonumentale gebouw en de grond aan Lichtstad Erfgoed BV (Foolen & Reijs Vastgoed). De nieuwe eigenaar heeft de ambitie om het complex een nieuw leven te geven en het daarbij weer sterker als publiek centrum te profileren. Daarom heeft Lichtstad Erfgoed BV aan SteenhuisMeurs opdracht gegeven voor een cultuurhistorisch onderzoek dat de monumentale waarde van het complex op verschillende schaalniveaus in beeld brengt. Hierbij is vooral de stedenbouwkundige waarde van belang, gezien de ambitie om het terrein rondom het Evoluon te ontwikkelen. De cultuurhistorische analyse biedt aanknopingspunten om hierbij de kwaliteiten van het Evoluon als troef in te zetten.

Het Evoluon, Eindhoven (bron: RCE)


STEENHUISMEURS BV 050 30 80 100




STEENHUISMEURS BV 050 30 80 100